saus

muiswerk->woordenboek->beginletter->S->saus

[zelfstandig naamwoord]

  1. gebonden vocht met onder andere kruiden erin, voor over een gerecht
    vb:we aten spaghetti met tomatensaus
    1. iets met een geleerd sausje overgieten [het een beetje geleerd laten lijken]
    2. honger is de beste saus [als je honger hebt, smaakt alles]
    3. de saus is beter dan de vis [het bijkomstige is beter dan de hoofdzaak]
  2. dunne verf voor op de muren
    vb:we verfden de muren met een lichtgeel sausje
Meer informatie bij:
alles als beetje beter de erin gerecht geleerd honger het hoofdzaak iets je kruiden laten lijken met onder op spaghetti verf vis vocht we
zelfstandig naamwoord: saus
de saus
de sauzen
het sausje
Muiswerk Online © 2010