trappen

muiswerk->woordenboek->beginletter->T->trappen

[regelmatig werkwoord]

  1. er een harde stoot met je voet tegen geven
    vb:hij trapte de bal in het doel
    1. ergens tegenaan trappen [er voortdurend tegen protesteren]
    2. iemand eruit trappen [hem wegsturen]
    synoniem: schoppen
  2. je voeten op of in iets neerzetten
    vb:pas op dat je niet op de bloemen trapt
algemene uitdrukkingen:
  1. lol, rotzooi of herrie trappen [plezier maken, vervelend doen of lawaai maken]
Meer informatie bij:
bal dat de doel doen er eruit ergens geven hem hij het herrie iemand iets in je lawaai lol maken met neerzetten op of plezier protesteren rotzooi stoot tegen tegenaan vervelend voet voortdurend wegsturen
regelmatig werkwoord: trap-pen
ik trap
jij/u trapt
hij/zij trapt
wij/zij/jullie trappen
ik/jij/u/hij/zij trapte
wij/zij/jullie trapten
hij heeft getrapt
de/het/een getrapte ....
trappend, trappende
Muiswerk Online © 2011