zorg

muiswerk->woordenboek->beginletter->Z->zorg

[zelfstandig naamwoord]

  1. moeite die je doet om iets of iemand in goede conditie te houden of te brengen
    vb:de zorg voor de drie kinderen is voor zijn vrouw
    1. er zorg voor dragen [zorgen dat het gebeurt]
  2. angst dat het verkeerd af zal lopen
    vb:hij had veel zorg over zijn drie kinderen
    1. je er zorgen over maken [bang zijn dat het verkeerd afloopt]
    2. dat is van later zorg [daar maken we ons nu nog niet druk om]
    3. dat zal mij een zorg zijn [dat kan me niets schelen]
    4. zorgen hebben [bang zijn voor de toekomst]
    5. wij zijn uit de zorgen [wij hoeven nergens meer bezorgd over te zijn]
    6. dat baart me zorgen [daar ben ik bezorgd over]
    7. een zieltje zonder zorg [iemand die onbekommerd leeft]
Meer informatie bij:
angst af bang brengen bezorgd conditie dat de daar die dragen er hebben hij hoeven houden het iemand iets in ik je kan later lopen maken mij moeite me nergens niets nog om ons of onbekommerd schelen te toekomst uit van veel verkeerd vrouw we wij zonder zorgen
zelfstandig naamwoord: zorg
de zorg
de zorgen
het zorgje
Muiswerk Online © 2011